Omgaan met de camera

De batterij opladen

U kunt de batterij opladen met een standaard USB-voedingsadapter of door de camera aan te sluiten op een computer.

Het is een goede gewoonte om de camera los te koppelen wanneer de batterij volledig is opgeladen.

De batterijstatus wordt weergegeven in het swipe-downmenu; zie paragraaf Swipe-downmenu.

De camera in- en uitschakelen

  • Wanneer de camera is uitgeschakeld, houdt u de aan/uit-knop ongeveer 2 seconden ingedrukt om de camera in te schakelen.

  • Wanneer de camera is ingeschakeld en in de live-modus staat, houdt u de aan/uit-knop ongeveer 1 seconde ingedrukt totdat het scherm zwart wordt. Hierdoor wordt de camera in de stand-bymodus gezet. Vanuit de stand-bymodus wordt de camera na 48 uur automatisch uitgeschakeld.

  • Wanneer de camera is ingeschakeld, houdt u de aan/uit-knop ongeveer 4 seconden ingedrukt om de camera uit te schakelen (vanaf softwareversie 2.2.17).

U kunt de camera ook zo instellen dat deze naar de stand-bymodus gaat na een periode van inactiviteit. Selecteer (Instellingen) > Apparaatinstellingen > Automatisch uitschakelen.

Bestanden verplaatsen met een USB-kabel

Wanneer u een beeld opslaat, wordt het bestand op het interne camerageheugen opgeslagen. U kunt de beeldbestanden verplaatsen door de camera aan te sluiten op een computer met behulp van de USB-kabel. De bestandsoverdracht wordt uitgevoerd met behulp van het Media Transfer Protocol (MTP).

Opm.

Om toegang te krijgen tot het camerabestandssysteem vanaf een computer met een Mac-besturingssysteem, moet u eerst een Android File Transfer-toepassing installeren. Kijk voor meer informatie op https://www.android.com/filetransfer.

Om bestanden via een USB-kabel naar een computer te verplaatsen, doet u het volgende:

  1. Schakel de camera in.

  2. Sluit de camera op de computer aan met behulp van de USB-kabel.

  3. Versleep de bestanden naar de computer.

    Opm.

    Wanneer u een afbeelding verplaatst door deze te slepen en neer te zetten, wordt de afbeelding niet van de camera verwijderd.

Bluetooth verbinding

Indien dit wordt ondersteund door uw mobiele telefoon, kunt u de internetverbinding van de telefoon delen met de camera via Bluetooth. Voordat u de internetverbinding kunt delen met de camera, moet u eerst de apparaten koppelen.

  1. Tik op de knop Instellingen .

  2. Tik op Verbindingen > Bluetooth.

  3. Controleer of Bluetooth is ingeschakeld door de schakelaar Bluetooth in te schakelen.

    Opm.

    Controleer op de mobiele telefoon of Bluetooth is ingeschakeld, of de detectiemodus is geactiveerd en of Bluetooth tethering is ingeschakeld.

  4. Tik op Beschikbare apparaten.

  5. Wacht tot een lijst met beschikbare Bluetooth apparaten wordt weergegeven.

  6. Tik in de lijst op uw mobiele telefoon om de koppelprocedure te starten.

Non-uniformiteitscorrectie

Wanneer de thermische camera Kalibreren... weergeeft, is deze bezig met wat in thermografie een 'niet-uniforme correctie' (NUC) wordt genoemd. Een NUC is een beeldcorrectie die wordt uitgevoerd door de software van de camera om te compenseren voor verschillende gevoeligheden van detectorelementen en andere optische en geometrische verstoringen1

De camera voert de NUC automatisch uit, bijvoorbeeld bij het opstarten en wanneer de omgevingstemperatuur verandert.

Als u een NUC handmatig wilt uitvoeren, houdt u de knop ingedrukt.

De camera reinigen

Camerahuis, kabels en andere onderdelen

Gebruik een van de volgende vloeistoffen:

  • Warm water

  • Een mild reinigingsmiddel

Apparatuur:

  • Een zachte doek

Volg deze procedure:

  1. Doop de doek in de vloeistof.

  2. Wring de doek uit om de overtollige vloeistof te verwijderen.

  3. Reinig het onderdeel met de doek.

VOORZICHTIG

Breng geen oplosmiddelen of gelijksoortige vloeistoffen aan op de camera, kabels of andere onderdelen. Hierdoor kan schade ontstaan.

Infraroodlens

Gebruik een van de volgende vloeistoffen:

  • Een commerciële lensreinigingsvloeistof met meer dan 30% isoprpoyl-alcohol.

  • 96% ethylethanol (C2H5OH).

Apparatuur:

  • Watje

VOORZICHTIG

Als u een lensreinigingsdoekje gebruikt, moet dit droog zijn. Gebruik geen lensreinigingsdoekje met de vloeistoffen die hierboven staan vermeld. Deze vloeistoffen kunnen ertoe leiden dat materiaal van het lensreinigingsdoekje losraakt. Dit materiaal kan een ongewenst effect hebben op het lensoppervlak.

Volg deze procedure:

  1. Doop het watje in de vloeistof.

  2. Knijp het watje uit om de overtollige vloeistof te verwijderen.

  3. Reinig de lens maar één keer en gooi het watje weg.

WAARSCHUWING

Zorg ervoor dat u alle geldende veiligheidsinformatie (MSDS, Material Safety Data Sheets) en waarschuwingen hebt gelezen voordat u een vloeistof gebruikt: de vloeistoffen kunnen gevaarlijk zijn.

VOORZICHTIG
  • Wees voorzichtig bij het reinigen van de infraroodlens. De lens heeft een kwetsbare antireflectiecoating.

  • Pas niet te veel kracht toe tijdens het reinigen van de infraroodlens. Hierdoor kan de antireflectiecoating beschadigd raken.

1 Definitie uit Europese norm EN 16714-3:2016, niet-destructief onderzoek - thermografisch onderzoek - deel 3: Termen en definities.